Wat kunnen we leren van de “Hidden Champions”?

Patrick De Schutter

In De Tijd van dinsdag 17 februari werd een vurig pleidooi gehouden om zonder dralen te proberen om “Europese kampioenen” te creëren om eindelijk eens een serieus tegengewicht te kunnen bieden aan de almaar groter en machtiger wordende giga-bedrijven uit de Verenigde Staten en China, die met hun (quasi)-monopolies een aantal beleidsmakers zodanig de stuipen op het lijf aan het jagen zijn dat ze er zeer ongemakkelijk van worden

Dus volgt een sterke lokroep naar bedrijven en overheden om samen te werken “over de grenzen heen” en grote megafusies tot stand te brengen om nieuwe wereldspelers te creëren in bepaalde domeinen die strategisch en politiek belangrijk zijn om een stabiel tegengewicht te vormen voor deze Amerikaanse en Chinese mastodonten.

Maar is dit wel altijd verstandig?

Ik verwijs hierbij naar een aantal interessante boekwerken die rond dit thema de afgelopen jaren in België zijn verschenen. Een jaar of vijf geleden schreef de econoom Geert Noels een boek met de titel “Gigantisme” waarin hij de ongebreidelde drang naar “groei om de groei” ten koste van eender wat sterk hekelde en een aantal frappante voorbeelden aanhaalde van hoe dergelijke strategieën faliekant kunnen aflopen. Ook Prof.Dr.Johan Lambrecht schreef een jaar of vier geleden een opmerkelijk pleidooi neer in zijn boek “small is great” om niet zomaar altijd ernaar te streven om het grootste bedrijf te zijn of te worden, de meeste omzet te hebben enz. Ook de econoom Peter De Keyzer schreef een zeer interessant boek met de titel “degrowth” als antwoord op de vele veelal linkse oproepen om de economie op een kleinere leest te schoeien en in plaats van te groeien eerder te streven naar minder. Minder groei, minder omzet, minder winst,enz, met als uiteindelijk doel tot een sterkere herverdeling van de welvaart over te gaan.

Maar wat is de relevantie van dit alles? Groot kan iedereen zijn, dat is niet moeilijk. Elk bedrijf kan gigantische groeicijfers halen als het onrendabele omzetten of niet houdbare omzetten nastreeft maar dat kan niet lang worden volgehouden natuurlijk.

Een ander verhaal wordt het wanneer een bedrijf in plaats van “groot” eerder streeft om “groots” te zijn, iets waar Prof.Dr. Johan Lambrecht ook regelmatig over schrijft.

En dan komen we bij een interessant concept dat op de internationale kaart werd gezet door Prof.Dr.Hermann Simon van de Universiteit van Bonn en het vermaarde strategie-consultinghuis

Simon, Kucher & Partners dat wereldwijd bedrijven helpt om “groots” te worden en te blijven.
Hij heeft hierover exact dertig jaar geleden een prachtig boek geschreven genaamd “the hidden champions : lessons from 500 of the world’s best unknown companies”. In het Nederlands werd dit vertaald onder de titel “de verborgen kampioenen”. En dat is inderdaad de essentie : uitblinken, groots zijn in een niche waar je het speelveld grotendeels voor jezelf hebt en een blijvend concurrentieel voordeel kan uitbouwen dat leidt tot meer toegevoegde waarde, meer winst, een betere performantie op alle mogelijke vlakken en uiteindelijk een grotere waarde voor de eigenaars en dit alles in de luwte, zonder continu de spotlights op te zoeken.

Het is niet toevallig dat veel van die “hidden champions” Duitse bedrijven zijn uit de welbekende “Mittelstand”. Daar wordt in Duitsland wel niet helemaal hetzelfde mee bedoeld als bij ons, want in die groep zitten inmiddels ook heel wat miljardenbedrijven. Maar het punt dat ze bereikt hebben door een miljardenbedrijf te zijn was geen doel op zich maar is het uitsluitend gevolg van de strategie om “groots” te zijn en stelselmatig veel sterker en performanter te groeien dan de concurrentie. Maar wat kenmerkend is, niet alleen in Duitsland, is dat het in meer dan negentig percent van de gevallen over familiebedrijven gaat! Die over generaties heen, aan de hand van geduldig kapitaal en wars van kortetermijntendensen en -denken, er continu naar streven en elke dag opnieuw hun uiterste best doen om “beter” en “grootser” te zijn en te blijven dan hun concurrenten. Om een “hidden champion” te zijn moet je als bedrijf nummer 1 of 2 in je industrie zijn wereldwijd (!) of nummer één in Europa, onder de 1 miljard EURO omzet boeken en vrij onbekend zijn voor het brede publiek (opereren in discretie in de luwte).

En laat nu precies dat zijn wat in België en Europa zou mogelijk zijn ; aan de hand van een ondernemings- en investeringsstimulerend klimaat zorgen dat een hele generatie van excellente, grootse familiebedrijven kan bloeien en groeien en op die manier een hecht weefsel vormen over de grenzen heen, dat alsmaar sterker en groter wordt als een uitdeinende inktvlek en op die manier een sterk en stabiel pan-Europees netwerk kan vormen waarmee we Europa weer op de kaart kunnen zetten, voor en door families en over generaties heen!


Patrick De Schutter
Mede-oprichter en co-gedelegeerd-bestuurder Het Familiebedrijf

17/03/2026

Terug naar het overzicht

Opvolgersscan

Als eigenaar/bedrijfsleider van je familiebedrijf heb je wellicht het liefst dat één of meerdere kinderen op een bepaald moment het roer overnemen.

Maar hoe bepaal je als ouders objectief of je kinderen hiervoor aangewezen zijn? Patrick De Schutter ontwierp hiervoor de Opvolgersscan.

Een niet-familiale CEO: zes aandachtspunten

Samenwerken met een niet-familiale CEO loopt niet steeds van een leien dakje.

Jozef Lievens stipt 6 factoren aan die het aantrekken van en de samenwerking met een externe CEO kunnen maken of kraken.

Meer weten?

Vier soorten governance in het familiebedrijf

Er wordt vaak beweerd dat governance in familiebedrijven complexer is dan in niet-familiebedrijven. Dat is ongetwijfeld juist. De oorzaak hiervoor is te vinden in het feit dat een familiebedrijf bestaat uit een aantal componenten die elk een aparte soort governance vereisen.

Volgens Jozef Lievens zijn er vier soorten governance vereist :

  • ownership governance
  • business governance
  • family governance
  • wealth governance
Lees meer

Raad van bestuur of raad van advies

Veel familiale ondernemers stellen zich de vraag of ze beter met een echte raad van bestuur of met een raad van advies van start gaan. Volgens Sofie Lerut hebben beide pistes zekere voordelen, maar er zijn belangrijke verschillen.

Lees meer